Als je in een koelkast opgroeit, dan wen jje aan een koelkast.
Als je in een gezin bent opgegroeid waar weinig nabijheid, warmte en emoties waren dan wen je aan de afwezigheid ervan.
Ik kwam niks tekort
‘Ik kwam niks tekort, zo was het gewoon.’
Is iets dat ik bijna dagelijks terugkrijg van de mensen die ik begeleid.
Een kind voelt alles
Als kind voel je alles. Wat uitgesproken wordt, maar nog veel meer wat onuitgesproken en niet zichtbaar is. De stress en spanning bij en tussen je ouders, de onverwerkte emoties, de stilte, de geheimen.
Je zoekt houvast en veiligheid bij je ouders, maar als er niemand thuis is om je te helpen met je gevoelens en emoties dan stop je met uitreiken en gaan je gevoelens ondergronds.
Sporen blijven aanwezig
Je voelt ze niet meer, maar de sporen blijven in je lichaam, zenuwstelsel aanwezig.
Je ervaart onrust, staat altijd aan en er is een soort leegte die je niet kunt verklaren. Naast een chronisch gevoel van onzekerheid. Het kan zelfs voelen alsof je er niet helemaal bent. Alsof je een buitenstaander bent.
Je loopt vast
Op een dag word je wakker geschud. Vaak door iets dat in het nu gebeurt. Je loopt vast en voelt dat je zo niet door wilt gaan.
Dat het tijd is om te voelen wat zo diep weggestopt is. Om het gemis te (h)erkennen ter ere van jezelf en het kleine meisje, jongetje dat niet anders kon dan zichzelf verlaten.
Om jezelf op te halen en nooit meer in de steek te laten.